Terug
Kinesitherapie


DE KINESITHERAPEUT IN HET REVALIDATIETEAM

Eén van jullie vroeg mij, om in een bevattelijke taal, eens uit te leggen wat kinesitherapie zoal kan betekenen bij mensen met multiple sclerosis. Er zijn natuurlijk heel wat mooie brochures, geleerde artikels, ja zelfs dikke boeken over dit onderwerp geschreven, maar het vakjargon dat daarin wordt gebezigd is zelfs voor de bollebozen onder ons bijwijlen nog ampertjes te volgen, laat staan dat gewone leken er een gebenedijd woord van zouden snappen. Ik zal trachten om in gewone woorden wat over ons werk te vertellen. Het is wel zo, onze inbreng is beperkt en moet in gepast worden in een totale aanpak. Om het wat overzichtelijk te houden, eerst de verschillende onderdelen van mijn betoog :

  1. De zorgverstrekking thuis, in een instelling en in de kliniek.
  2. Het revalidatieteam bij ons.
    hoe werkt het ?
     
  3. De kinesist in het team
    En wat gebeurt er nu in die zaal

Albert Keersmaekers.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  1. De zorgverstrekking thuis, in een instelling en in de kliniek.

    De moeilijkheden en problemen waarmee jullie dagelijks te maken hebben zijn ontzagwekkend ; er zijn niet alleen die vervelende lichamelijke beperkingen en ongemakken waar je constant met je neus op wordt gedrukt, maar de vele vragen, wat zal het morgen zijn ? hoe moet het verder met mezelf, mijn man-vrouw, mijn kinderen, enz… enz… , ze laten je nimmer los. Heel je omgeving zal samen met jou HET LEED VAN DEZE ZIEKTE MOETEN MEEMAKEN. Als je dan hulp zoekt mag je niet verwachten dat één persoon voor de oplossing zal zorgen, zo die er al mocht zijn. Neen, waar je ook bent, thuis, in een instelling, in de kliniek, je moet kunnen terugvallen op een hecht team van toegewijde zorgverstrekkers zoals artsen, verpleegkundigen, maatschappelijke werkers, psychologen, ergotherapeuten, logopedisten, familiehulp, enz… In die groep heeft ook de kinesist zijn bescheiden specifieke plaats. Enkel zo’n goed samenwerkend team garandeert jou en de jouwen een kwaliteitsvolle zorg, een zorg waar je recht op hebt. Hier wil ik het voornamelijk hebben over onze job in het revalidatieteam van de kliniek. Over de aanpak in de thuisomgeving of in een instelling kunnen collega’s die op dat terrein een ruime ervaring hebben je met meer deskundigheid informeren.

 

Albert Keersmaekers.


 

Terug naar pagina-begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  1. Het revalidatieteam bij ons, hoe werkt het ?

In onze kliniek gebeurt er uiteraard meer dan het revalideren van mensen met M.S. Voor het diagnosticeren zijn er vaak een rits onvermijdelijke onderzoeken noodzakelijk. Heel wat patiënten komen voor een reguliere medische oppuntstelling. Dan zijn er ook zieken die voor hun zorg het best bij ons blijven. Zij allen zullen de kinesist op hun programma vinden ; hij moet er in de eerste plaats voor zorgen dat de toestand blijft zoals hij is.

En dan het revalidatiegebeuren ; in ons hospitaal zijn een behoorlijk aantal bedden speciaal voorbehouden voor mensen die een intensief revalidatieprogramma zullen krijgen, daarnaast is er de mogelijkheid voor heel wat patiënten om ambulant een ietwat beperkter revalidatieschema te volgen, wel op dezelfde leest geschoeid als het intensief programma en begeleid door een identieke groep mensen. Voor het gemak zal ik mij nu focussen op het team voor de gehospitaliseerden.

  • Wanneer je, bij opname, door een vriendelijke receptioniste ben ingeschreven, komen uiteraard eerst de dokters langs.
  • Alhoewel… waarschijnlijk zijn de verpleegkundigen van de eenheid waar je terecht komt en de mensen van de sociale dienst hen al voor geweest.
  • De eerste dagen zullen heel wat –ogen, -peuten en –isten je lastig vallen, allerhande testen staan je te wachten maar dat valt best mee hoor.

 

Terug naar pagina-begin

 

 

 

 

 

 

Hoe werkt nu zo’n team ?

Bij een plotse opflakkering van je ziekte of bij de één of andere verwikkeling zullen de artsen oordelen of er eerst moet gestart worden met een specifieke medische behandeling.

  • Ons uitgangspunt is wat jij aangeeft als jouw belangrijkste huidige probleem, jouw ervaringen in je dagelijks leven, wat je hindert, de beperkingen die je op je weg vindt, enz… enz... jij-zelf, niet jouw ziekte staat centraal.
  • Voor de eerste teambijeenkomst worden de bevindingen van elk teamlid gebundeld zodat we allemaal een totaalzicht op je situatie verkrijgen.
  • Bij het bepalen en uitlijnen van de behandeldoelen zullen wij in de groep goede afspraken maken : waar liggen de prioriteiten, wat is haalbaar, wie doet wat? Altijd het geheel van jouw problemen en vragen voor ogen houdend.
  • Op de wekelijkse doktersronde zal je alle informatie in de grootst mogelijke openheid worden toegelicht. Dan gaan we ook na waar we staan : moet het therapieplan worden aangepast, enz…
  • De dagelijkse briefing heeft plaats op de verpleegeenheid. Zij omringen en verzorgen je daar 24 uur op 24. Zij zijn het best geplaatst om ons te zeggen of er geen onverwachte moeilijkheden zijn. Is je programmaschema in orde, moet er worden bijgestuurd, enz… Al deze vragen komen hier aan bod.
  • Naar het einde van je revalidatieperiode wordt overwogen, "Is een huisbezoek zinvol ? Kunnen aanpassingen binnen- of buitenhuis je helpen? Kan overleg met de mensen van de thuiszorg nuttig zijn?" Alles wordt met je besproken.
  • Bij je ontslag gaan we na in welke mate de behandeldoelen bereikt werden. Zal de revalidatie ambulant worden voortgezet? Is de thuiszorg goed georganiseerd ?

 

Terug naar pagina-begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kinesist in het team.

Ondertussen zal het je wel duidelijk zijn dat de kinesist slechts één schakel van in het revalidatiegebeuren. En toch! Toch hebben wij heel wat middelen en mogelijkheden om je te helpen ;

  1. Het kan voorkomen dat je klachten hebt die helemaal niet- of slechts onrechtstreeks met M.S. te maken hebben : vb. nek-, lage rugpijn, peesontsteking, gezwollen ledematen, enz…, één van onze collega’s zal je op de klassieke wijze hiervoor behandelen, (in onze fysio…).
     
  2. Sommige problemen vereisen een zeer specifieke individuele aanpak : bekkenbodemrevalidatie bij welbepaalde blaasaandoeningen, individuële relaxatie, …
     
  3. Er zijn verschillende groepsactiviteiten die naast een ontegensprekelijk therapeutisch effect ook een recreatief effect hebben. Ze zijn sterk motiverend en zijn zeer belangrijk voor een goede sfeer in onze kliniek. Zo hebben we :

Paardrijden (hippotherapie) tweemaal per week.
Zwemmen, tweemaal per week.
Duiken, eenmaal per week.
Bowling, eenmaal per week.
Groepsrelaxatie, gebaseerd op de principes van yoga.

  1. Oefeningen op de trampoline : sedert enige tijd kunnen specifieke oefeningen op de trampoline toegevoegd worden voor patiënten met evenwichts- en-of gevoelsstoornissen.
     
  2. Onze hydro : al sinds mensenheugenis is die goeie ouwe, wat aftandse hydro van onschatbare waarde voor onze aanpak.
  • De ijsbaden : het onderdompelen van bekken en onderste ledematen in water vermengt met ijsschilfers is in vele gevallen zeer effectief bij uitgebreide stijfheid van de spieren (spastisiteit), bij onwillekeurige spiersamentrekkingen (spasmen) en bij onaangename gewaarwordingen in de benen (paresthesieën). Vanzelfsprekend wordt nagegaan of er geen bezwaren zijn voor deze onderdompeling zoals doorligwonden, infecties, longaandoeningen, hart- en vaatziektes, enz… Een strenge selectie is noodzakelijk om risico’s te voorkomen.
     
  • Koude douche : vele patiënten klagen van een algemene vermoeidheid. Een koude douche kan voor enkele uren een grote verlichting geven.
     
  • Het warmwaterbad : de temperatuur van het water mag niet te hoog zijn (ongeveer 27 graden). Als het te warm is kunnen heel wat symptomen toenemen, zoals vermoeidheid, gezichtsproblemen enz… Maar bewegen in het water is veel gemakkelijker dan op het droge. Daarom is het oefenen in het bad zo interessant bij krachtsvermindering, evenwichts- en coördinatiestoornissen. Bovendien voelt het heel ontspannend aan, niet dat wij voor jullie het warm water hebben uitgevonden, desalniettemin…

Jaja, we zullen een gat in de lucht springen wanneer we volgend jaar de spiksplinternieuwe hydro kunnen inhuldigen…

  1. En dan ons kroonjuweel : de grote (och al reeds te kleine), goed uitgeruste oefenzaal. Zo’n gemeenschappelijke revalidatieruimte is een bewuste, weloverwogen keuze, als je voor de eerste maal bij ons binnen komt is het wel effen wennen… al die patiënten, allen met dezelfde ziekte maar toch zo verschillend. De ervaring heeft ons geleerd dat het van zo dicht bij mee volgen van de inspanningen, van het gevecht van je lotgenoten erg motiverend werkt. Je hebt zin je medepatiënt te steunen en hij zal je op zijn beurt aanmoedigen. Jonge mensen kunnen zien hoe oudere patiënten er in slagen nog van het leven te genieten, niettegenstaande die vervloekte M.S. De ziekte heeft hen niet klein gekregen. En de ouderen, zij kunnen het best bevroeden wat er in de hoofden van die jonge patiënten omgaat, zij hebben het ook allemaal moeten doormaken. Zo’n begrip te ervaren doet goed. Er heerst echt een positieve sfeer in onze oefenzaal.

 

Terug naar pagina-begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En wat gebeurt er nu in die zaal :

de betrachting is te bereiken dat je meer kan, dat je beter kan functioneren. Ik zou nu kunnen proberen een functionele progressielijn te beschrijven. Dat kan gaan van een volledig verlamde patiënt op de kanteltafel goed vastgemaakt rechtop zetten (geeft bovendien een fantastisch gevoel de wereld nog eens gewoon vanuit rechtopstaande houding te bekeiken), tot het oefenen van de march op oneffen terrein, in het gras of op keien, enz… enz… Alhoewel het de bedoeling is je hogerop die functionele ladder te brengen, lijkt mij zo’n opsomming niet zo zinvol. Interessanter is het na te gaan wat je belet, wat je het meest hindert om de volgende sport te bereiken en is het mogelijk daaraan iets te doen? Is het de stijfheid van de spieren, de onwillekeurige spiersamentrekkingen, is het de krachtsvermindering, is het het verlies van evenwicht en coördinatie, zijn het de gevoelstoornissen, of zijn er meerdere factoren (wat bijna altijd het geval is), die samenspelen ? Welke mogelijkheden en middelen hebben wij kinesisten ? Wel, we hebben toch het één en het ander in huis.

  • Om de overdreven spierspanning (stijfheid) en spiersamentrekkingen te onderdrukken en te verminderen zijn, naast onderdompeling in een ijsbad, verschillende technieken mogelijk. We zullen moeten nagaan welke methode bij jou het meest effectief is ; het rustig rekken van de getroffen spiergroepen vermindert bijna altijd de spierspanning, ook postures, (het plaatsen van de ledematen in een houding tegengesteld aan het abnormale patroon), het toepassen van vibraties, het lokaal aanbrengen van ijspakkingen, kunnen in meerdere of mindere mate de spiertonus normaliseren.

Vaak zien we dat onder die stijfheid nog heel wat aktieve spierkracht aanwezig kan zijn, zij zit dan als het ware gevangen in die overdreven spierspanning en als het ons lukt die spiertonus te normaliseren komt die kracht vrij. Dan is het zaak die vrijgekomen bewegingen zoveel mogelijk te versterken. Maar het gebeurd ook dat we onder die stijfheid niets meer, geen enkele kracht terugvinden… We moeten dan voorzichtig zijn, soms kan je wat stijfheid best gebruiken om toch nog even op je benen te steunen bijvoorbeeld.Niet het volledig opheffen van de spierspanning is ons doel, maar hoe en in welke mate kunnen we die stijfheid gebruiken in je dagelijkse handelingen.

  • Op verschillende wijze kunnen we het verlies van de spierkracht aanpakken ; het is nooit één enkele spier alleen die verlamd is, neen, het is altijd een hele keten die min of meer uitvalt. We zullen dan ook met globale bewegingen de ganse keten aanpakken, ondersteunend werken als het moet, weerstand geven als het kan en die dan ook progressief opdrijven. Maar de zwakste schakel zullen we ook nog eens afzonderlijk onder handen nemen : v.b. de voetheffers, de strekkers van de vingers, enz…
  • Wanneer de coördinatie is verstoord kunnen we het volgende doen ; eerst zorgen voor een goede vertrekbazis, romp en de grote gewrichten (schouder- en bekkengordel) stabiliseren, van daaruit leren een corect uitgevoerde beweging aanvoelen, dan de beweging met hulp uitproberen om het tenslotte volledig zelfstandig te doen. Deze oefeningen vragen veel concentratie en zijn zeer vermoeiend.
  • Bij evenwichtsproblemen gaan we dat zeer geleidelijk terug opbouwen ; vertrekkend vanuit viervoetenstand, (grote steunbasis met het zwaartepunt dicht tegen de grond), via knieenstand, halve knieenstand komen tot stand. Vervolgens het dynamisch evenwicht, vanuit stand balansoefeningen en zo overgaan naar de march. Al deze oefeningen kunnen we ook voor een grote orthopedische spiegel doen zodat we voortdurend visueel kunnen kontroleren en corrigeren.

Tot slot nog dit, het was de bedoeling om je aan te tonen dat de kinesist wel degelijk zijn inbreng heeft in de revalidatie. Maar…  er komt zoveel om de hoek kijken, wij zijn maar één deeltje van het revalidatiegebeuren, andere disciplines moeten ook hun steentje bijdragen. Het is pas wanneer alle leden van een team goed samenwerken dat revalidatie succesvol kan zijn, en ik geloof met een gerust hart te mogen stellen dat in onze kliniek zo’n teamwerk aanwezig is. Volmaaktheid is echter niet van deze wereld, daarom zullen we moeten blijven streven naar verbetering.


 

Terug naar pagina-begin

 


.


 

 

 

 

 

 
© IMSO 2001